Best Joomla Template by Web Design

Archeologische vondsten

Category: Geschiedenis
Bodemschatten
In Mongolië zijn diverse opgravingen geweest met een positief resultaat. Hieronder vindt u een aantal artikelen die iets te maken hebben met opgravingen of vondsten in Mongolië.
Graftombe Dzjengis Chan wordt gerenoveerd
China gaat, om het toerisme te promoten, het complex rond de vermoedelijke begraafplaats van de beroemde/beruchte 12de eeuwse Mongoolse veroveraar Dzjengis Chan in Mongolië renoveren en vergroten. Dat meldt vrijdag het persagentschap Xinhua <(Nieuw China).
Het complex, dat vlakbij de stad Ordos (in het Noorden) ligt, is momenteel 0,55 km2 groot. In de toekomst moet het uitgroeien tot een 80 km2 groot geheel met een museum, een yoert (vilten nomadentent op de Aziatische steppen) van 2.000 m2 en beeldhouwwerken van de Mongoolse keizer en zijn krijgers. Bij het toeristisch centrum, dat gebouwd zal worden door het bedrijf Donglian, hoort ook een museum met informatie over de Mongoolse gebruiken.
Dzjengis Chan, die leefde van ongeveer 1160 tot 1227, verenigde de Mongoolse stammen en regeerde over een rijk dat zich uitstrekte van Polen tot China. De vader van Kublai -stichter van de Chinese Yuan-dynastie- werd, om religieuze redenen en uit vrees dat zijn graf geplunderd zou worden, begraven op een geheime locatie. Teams van archeologen zijn in de Republiek Mongolië al jaren op zoek naar de exacte locatie van de omstreden begraafplaats.
Twee jaar geleden beweerde Luo Xinyou, een professor aan de Chinese Academie voor Sociale Wetenschappen, dat de tombe nog niet was ontdekt. Hij sprak daarmee een these tegen van een Amerikaans wetenschapper, die beweerde dat het graf zich in het noordwesten van de hoofdstad Ulaan Baatar (ook: Oelan Baator) bevond.
[Bron: Gazet van Antwerpen, 10 oktober 2003]
Paleis van Genghis Khan blootgelegd
Op de steppes van Mongolië hebben archeologen de overblijfselen van een paleis van de legendarische Mongoolse heerser Genghis Khan blootgelegd. 
De ontdekkers hopen in de buurt van het paleis ook het graf van de Mongoolse leider te vinden, waar al tijden tevergeefs naar gezocht wordt. 
Een Japans-Mongools onderzoeksteam vond de stenen restanten zo’n 250 km ten oosten van de Mongoolse hoofdstad Oelan Bator, aldus de Japanse wetenschapper Shinpei Kato van de Kokugakuin universiteit in Tokyo. 
De wetenschappers zijn er van overtuigd dat de ruïne ooit het paleis van Genghis Khan was. Tussen de restanten vond het team porselein dat uit de periode van de Mongoolse krijgsheer stamt. De plek komt ook overeen met de plaats die beschreven staat in een Chinese bron uit 1232 van de zuidelijke Tang Dynastie. 
Volgens de archeologen heeft de Mongoolse heerser het vierkante paleis rond het jaar 1200 laten bouwen in de vorm van een eenvoudige, typisch Mongoolse tent. 
[Planet, 8 oktober 2004]

Mausoleum Djenghis KhanArcheologen vinden mausoleum Dzjenghis Khan
Archeologen hebben in het oosten van Mongolië, op 250 kilometer van Ulaan Baatar, de restanten opgegraven van een groot paleis en het mausoleum van de legendarische 13de-eeuwse Mongoolse heerser Dzjenghis Khan.
Het Japans-Mongoolse team hoopt eerlang ook op het kroonstuk te stuiten: het graf van de heerser van de Centraal-Aziatische steppen.
De ruïnes beslaan een oppervlakte van 600.000 vierkante meter, zo lichtte Noriyuki Shiraishi, assistent aan de universiteit van Niigata en leider van de Japanse expeditie, toe. Het dertig man sterke team begon zijn opgravingen in 2001. Tot dusver waren al as en gebeente opgegraven van koeien en paarden die werden geofferd tijdens een plechtigheid ter ere van het overlijden van de Khan, in 1227. Ook oorbellen, bronzen accessoires en met draken versierde wierookvaten waren reeds aangetroffen.
Shiraishi twijfelt er niet aan dat het om het mausoleum van Dzjenghis Khan gaat. "Historische documenten tonen aan dat die plechtigheid ter herdenking van zijn overlijden heeft plaatsgevonden". Ook het porselein dat ter plaatse werd aangetroffen, stamt uit de tijd van de mythische Mongoolse heerser. Voorts komt de beschrijving van het paleis - gebouwd in de vorm van een yoert (tent) - en zijn omgeving, opgemaakt in 1232 door een gezant van de Chinese Tang-dynastie, naadloos overeen met de blootgelegde ruïnes.
Meteen komt het mythische graf van Dzjenghis in het vizier: "Uit verscheidene documenten blijkt dat zijn graf zich bevindt in een straal van 12 kilometer rond het mausoleum".
Enkel de Mongoolse overheid kan nog stokken in de wielen steken. Het vorsersteam wacht nog op toelating van de regering in Ulaan Baatar om zijn graafwerken voort te zetten. De huidige toelating verloopt in 2007. Overigens is volgens professor Shiraishi zijn team niet het enige dat de goldrush naar het graf van Dzjenghis heeft ingezet: ook archeologen uit de VS, Frankrijk, Duitsland en Turkije blijken driftig op zoek.
Dzjenghis Khan (1160-1227) verenigde in 1206 de elkaar sinds mensenheugenis vijandig gezinde Mongoolse nomadenstammen en geldt aldus als de stichter van het Mongoolse Rijk. Zijn zoon Kublai veroverde het Chinese rijk en stichtte er de vermaarde Yuan-dynastie. Een van zijn kleinzonen was de laatste buitenlandse heerser die (het kalifaat) Bagdad veroverde en plunderde, tot Bush.
[Bron: Het Belang van Limburg, 7 oktober 2004]

Kindergraven ontdekt in Mongolië
Chinese archeologen hebben een 2200-jaar oud kindergraven ontdekt in Mongolië.
Volgens Chen Yongzhi, onderdirecteur van het regionale archeologische centrum, zijn bijna 20 graven ontdekt. In alle graven lagen de restanten van kinderen. Ze liggen verspreid op een gebied van 100m² vlakbij de ruïnes van Tuchengzi.
De archeologen ontdekten de aardewerken potten die als kist fungeerden in de graven welke gedateerd zijn in de Westerse Han-dynastie welke van 206BCE tot 24 CE duurde. Opmerkelijk was het ontbreken van grafgiften in de graven.
Men verwacht in de omgeving van de begraafplaats nog meer graven aan te treffen. Het vermoeden bestaat dat de kindersterfte erg hoog was in deze periode vanwege de slechte leefomstandigheden en het slechte weer in deze regio in die tijd.
De oude stad Tuchengzi beslaat ongeveer 4km². De stad kwam tot bloei gedurende de "Lente en Herfst-periode" (770-476 BCE) en bleef vervolgens bestaan tijdens de "Strijdende Staten-tijd" (475-221 BCE), Noordelijke Wei (386-534 CE) tot de Ming- (1368-1644) en Qingdynastiën (1644-1911). Sindsdien staat deze stad onder bescherming van het Chinese equivalent van de Monumentenzorg.
[Bron: Xinhua, 25 februari 2006; vert. Gien Jansen]

IJsmummie gevonden in Mongolië
In Mongolië hebben Duitse archeologen een mummie gevonden die ongeveer 2500 jaar oud is. Volgens de wetenschappers is de vondst vergelijkbaar met die van Ötzi, de ijsman die in 1991 in de Alpen werd ontdekt.
De mummie is door de permanente vorst in de bergen van Mongolië net zo goed bewaard gebleven als Ötzi. De mummie heeft een bontmantel en laarzen aan. Ook liggen er veel wapens in het graf.
Vermoed wordt dat het een Scythische krijger is. De Scythen waren nomaden die leefden in Azië. Door het onderzoeken van zijn maaginhoud hopen de Duitsers meer te weten te komen over de Scythen.
[Bron: NOS, 24 Augustus 2006]