Best Joomla Template by Web Design

Dierenverhalen

Category: Mythes
De Mongoolse bevolking kent een groot aantal dieren verhalen en fabels. Echter bestaat er tussen deze twee een klein verschil. Een fabel kun je lezen in geleerde boeken, zij onderscheiden zichzelf van een duidelijk moraal. Maar de Mongoolse verhalen zijn over het algemeen niet zo duidelijk in het kenbaar maken van een moraal. Hierdoor is het moeilijker om ze in een categorie van Europese literatuur te plaatsen, maar ze worden hierdoor wel leuker om te lezen.
Mongoolse dierenverhalen hebben twee basis regels:
- het kleinere, zwakkere dier verslaat altijd de grotere en sterkere
- Een herbivoor verslaat altijd een carnivoor
Volgens de regels van de dieren, dit zijn tevens de protagonisten in de verhalen, kunnen ze onderverdeeld worden in aanvaller (carnivoor of omnivoor) en verdediger (herbivoren of omnivoor). Deze twee dieren groepen komen elkaar tegen in specifieke scenario’s. Soms ontmoeten ze ook een dier van de derde groep, de redders. Dit zijn meestal de kleine en daarmee ook slimste herbivoren die het dier dat in gevaar is red door zijn slimheid. 
Natuurlijk reflecteren deze rollen de wens van de mensen om hun overheerser te verslaan. Het is interessant om te zien dat niet geweld, maar slimheid de keuze van de dieren is om zich te verdedigen.
Bovenstaande tekst laat de verhalen klinken alsof ze erg saai zijn, maar dit is absoluut niet waar. Dit bewijst onderstaand verhaal.

De gekke wolf
of
Hoe een zwarte pudding, een merrie en een kalf een wolf voor de gek kunnen houden

Er was eens een wolf die langs de weg liep. Plotseling zag hij een zwarte pudding precies in het midden liggen. De wolf wilde de pudding opeten, maar de pudding huilde: “meneer Wolf, eet me niet op! Een klein stukje verder ligt een 3 jaar oude merrie vast in de modder. Waarom ga je daar niet heen en eet haar in plaats van mij?”
De wolf volgde de zwarte pudding z’n advies op en liep een stuk verder waar inderdaad een merrie vast lag in de modder. Toen de wolf haar zag, wilde hij haar opeten, maar de merrie zei: “meneer Wolf, als je mij wilt eten kun je me beter eerst uit de modder halen’. 
Dus de wolf haalde de merrie uit de modder en stond juist op het punt om haar op te eten toe de merrie zei: ‘Oh, maar ik ben helemaal bedekt onder de modder. Je zou me eigenlijk eerst schoon moeten likken voor je me op eet’. De wolf deed weer wat de merrie zei en likte haar schoon.  Hij wilde haar voor de 3e keer gaan opeten toen de merrie zei: ’Er is iets geschreven op de hoef van mijn achterbeen. Wil je dat niet eerst lezen voor je me gaat opeten?”. Toen de wolf naar haar achterbenen ging om te lezen wat er op haar hoef geschreven stond, trapte de merrie hem. Ze raakte zijn nek en rende weg terwijl de wolf zijn bewustzijn verloor en op de grond viel.
Toen hij bij kwam en om zich heen keek was de merrie al lang ver weg. Hij klom overeind en al ruikend aan de grond rende hij tussen de bosjes en de bergen heen en weer. Hij had geluk en vond een één jarig kalfje op de heuvels. De wolf sloop naar het kalf om het op te eten toen het kalf zei:”als je me hier op de heuvels op gaat eten, zien de mensen je. Het zou beter zijn als je me naar een smalle kloof brengt en me daar op eet’. Dus de wolf bracht het kalf naar beneden.
“Meneer Wolf, je ziet er moe en uitgeput uit. Ga op mijn rug zitten en ik draag je”, zei het kalf tegen de wolf. “Als we naar beneden afdalen in de kloof kan je beter je ogen dichtdoen zodat je niet duizelig wordt” , stelde het kalf voor. De wolf luisterde en sloot zijn ogen. Het kalf bracht de wolf echter niet naar de kloof, maar naar een gerkamp van een Mongoolse nomaden familie. Zodra de mensen de wolf zagen begonnen ze hem te slaan en weg te jagen.
De wolf sloeg op de vlucht en dacht bij zichzelf:
‘Wat doe ik in de verre bergen?
Wat doe ik in de buurt van mensen?
Ik was dom om in mijn eentje deze kant op te gaan
Ik was een oen om de zwarte pudding te geloven
Ben ik de eigenaar dat ik het paard uit de modder heb gehaald?
Ben ik de moeder om de merrie schoon te likken?
Wanneer heb ik ooit leren lezen en schrijven?
En heb ik zelf geen poten om mee te lopen?
Ik ben dom en nu ga ik dood…”